NAVA beademing
Naast de invasieve en non-invasieve beademing hebben we op onze afdeling nog een derde mogelijkheid. De zogenaamde NAVA beademing. NAVA staat voor Neurally Adjusted Ventilatory Assist, een nieuwe technologie die, met name het ontwennen van de beademing, soepeler laat verlopen. NAVA beademing is een vorm van invasieve beademing, aangezien patienten eveneens een buisje in de keel hebben. Daarnaast liggen zij aan dezelfde beademingsmachine.
Het verschil tussen beide beademingsvormen zit hem met name in de aansturing van de beademing. Bij een reguliere invasieve beademing bepaalt de arts of verpleegkundige, op basis van de uitslagen van het bloed en de getallen op de monitor, welke instellingen op het apparaat worden ingesteld. De beademingsmachine geeft vanaf dat moment zoveel ondersteuning als is ingesteld. In de praktijk werkt dit vaak goed, maar de ontwenning van de beademing kan soms moeizaam verlopen omdat we voortdurend een schatting moeten maken van de hoeveelheid ondersteuning die iemand nodig heeft. Bij NAVA-beademing hoeven we deze schatting niet te maken. Deze beademingsmethode registreert met behulp van een Edi sonde, die via de neus en slokdarm wordt ingebracht, hoeveel energie het middenrif verricht om te ademen. Door deze activiteit te meten weet het apparaat hoeveel ondersteuning hij moet bieden. Deze ondersteuning verschilt dan ook per patiënt, situatie en zelfs ademteug. Op deze manier krijg de patiënt optimale ondersteuning, specifiek op maat. Het ontwenningsproces zal hierdoor gemakkelijker verlopen. Op de tekening hieronder ziet u schematisch de stappen van de registratie door de Edi sonde.
De overeenkomsten tussen reguliere invasieve beademing en NAVA
Net als bij een reguliere invasieve beademing kent NAVA- beademing ook een aantal bezwaren. Zo levert het problemen op met eten, drinken en wordt de communicatie met de patient bemoeilijkt. Hiervoor zijn echter ook oplossingen te vinden welke op de pagina invasieve beademing aan bod komen.

